De luiken open zetten naar de stad

Door stadreporter Lieke Rijkx voor het Maastricht-LAB

“Toen de oproep ‘Stadsmakers gezocht’ voorbij kwam, kon ik niet achterblijven”, vertelt Ronald Wilmes. “Een groot instituut als de universiteit moet daar gewoon een plek hebben, maar panden behouden door ze een nieuwe invulling te geven, heeft ook mijn persoonlijke interesse.” Wilmes is hoofd vastgoed van Universiteit Maastricht (UM), zit er in de kunst- en erfgoedcommissie (KEC) en tekende namens de UM het Maastrichts Energie Akkoord. We spreken elkaar op de Tapijnkazerne, waar de creatieve en experimentele invulling van de ruimte alomtegenwoordig is.

“Ik vind de Tapijn echt een fantastisch voorbeeld van een geslaagde samenwerking en dito invulling. De gemeente is eigenaar van de grond, de UM en de provincie zijn eigenaar van de gebouwen. Er is veel inspraak met voorlichtings- en dialoogavonden. De gemeente speelt  een belangrijke rol in de communicatie en het betrekken van mensen bij het project. Tapijn is teruggegeven aan de stad. Iedereen kan er weer komen. Een belangrijke reden voor mij om Stadsmaker te worden, is dat de UM meer verbinding wil met de stad. Het is niet meer van deze tijd dat een universiteitsgebouw een hoge muur en een dichte poort heeft, waar de passant zich niet welkom voelt. We willen  onze gebouwen openstellen voor de stad, zonder daarbij het onderwijs en onderzoek te hinderen. Het is fijn om met de andere Stadsmakers over dat spanningsveld te discussiëren. Het is de opdracht van de Stadsmakers om de juiste mensen bij elkaar te brengen en ontmoetingen te stimuleren. Daaruit ontstaan nieuwe ideeën.”

“Zowel de UM als de gemeente stappen steeds meer van de gedachte af dat het alleen om het opstellen van en voldoen aan regels draait. Er is steeds meer ruimte voor experimentele invulling, zoals op de plek waar we nu zitten. De UM wil kansen creëren door studenten en medewerkers te betrekken bij de vormgeving en inrichting van de leer- en werkomgeving en hen daarbij ook een eigen verantwoordelijkheid te geven. Loods V hier op het terrein gaat gesloopt worden. We hebben studenten een budget gegeven om er een tijdelijke leeromgeving in te richten met alles erop en eraan. Ook de koffie en de beveiliging. In eigen beheer. Het is ze gelukt om dat samen met de facilitaire dienst in vier maanden op te zetten. Niet alles was meteen perfect, maar dat maakt niet uit. Daar hebben we weer van geleerd voor de aanpassingen die we in andere panden willen doen.”

Samenwerking en  experimenten gericht op het creëren van diverse vormen en soorten van ontmoetingsruimten is volgens Wilmes waar het om draait. Zijn grote droom voor Maastricht is dan ook een Arts and Science Campus waar alle onderwijsinstellingen hun luiken open zetten, naar elkaar en naar de stad.

 

Related Posts

Site Menu